Psalmen fluisteren Psalmen fluisteren
1 juli 2019

Meditatie door Theo Hettema n.a.v. Marcus 13 vers 11

Wanneer jullie worden weggevoerd om te worden uitgeleverd, 
maak je dan vooraf geen zorgen over wat je zult gaan zeggen; 
zeg wat jullie op dat tijdstip wordt ingegeven, 
want jullie zijn het niet die dan spreken, maar het is de heilige Geest.
Marcus 13 :11


Het is Pinksteren wanneer ik dit schrijf. Het zal nog tot advent duren dat we in het liturgisch jaar in de zondagen na Pinksteren zitten. Genoeg tijd om na te denken wat het betekent om te leven uit de Heilige Geest. 

Veiligheid en trouw
Met Pinksteren ben ik in De Oase naar de kerk geweest. Daar werd in en na de kerkdienst iets verteld door Marnix Niemeijer. Marnix is vader van een kind dat altijd veel zorg nodig gehad heeft. Waar de een dyslectisch is en moeite heeft om alle woorden de juiste plaats te geven, daar is zijn dochter Rieke dyspractisch: elke handeling die ze doet kost haar moeite, omdat ze verstrikt raakt in de volgorde en uitvoering. 
Het leven valt zwaar voor Rieke, ook als ze volwassen geworden is. Tweemaal leidt dat bij haar tot een psychose: alles wat ze door haar zintuigen binnenkrijgt prikkelt haar zo en brengt haar zo in verwarring, dat haar geest vlucht in een wereld van wanen, waar-in ze veilig lijkt te zijn, maar die haar uiteindelijk ook uitputten en vernietigen. Tweemaal wordt Rieke opgenomen op een psychiatri-sche afdeling van het ziekenhuis. De tweede keer zelfs voor acht maanden. 
Bij al die opnames bezoeken haar ouders haar trouw, dag in dag uit. Vaak is ze niet te bereiken en reageert ze niet. Wanneer ze iets beter is, mag ze soms even mee naar huis. Maar regelmatig is dat te vermoeiend voor haar en geeft het te veel prikkels en wil ze liever maar weer terug naar haar afdeling. Dan brengen haar ouders haar weer weg. 
Wat is het zwaar voor een ouder wanneer je een veilig en warm thuis wil bieden aan je kind maar dat niet kunt, omdat zo´n veilig en warm thuis niet de goede plek is voor je kind op dit moment. Wat een liefde, wanneer je dan voorzichtig toch steeds weer zoekt welke vorm van nabij-zijn wél voor je kind te hanteren is. 

Zigzaggend zoeken
Marnix heeft in de periode van de ziekenhuisopname van zijn dochter acht gedichten geschreven. Die heeft hij laten uitgeven in een mooi boekje. Wie het boekje openslaat, merkt dat het niet een gewoon boekje is met bladzijden waar je doorheen kunt bladeren. Het is een zigzagboekje (leporello), waar de gedichten al zigzaggend te lezen zijn, net zo zigzaggend als zijn zoektocht om zijn dochter te bereiken en te ondersteunen. 
Een van die gedichten gaat over zo´n moment dat een weekendje thuis niet langer gaat, en Rieke maar weer naar het ziekenhuis terug moet. Haar ouders brengen haar weg. ‘Wil je naar je kamer?’ vragen ze, wanneer ze bij het ziekenhuis zijn aangeko-men. ‘Nee,’ zegt Rieke, ‘ik wil eerst even naar het stiltecentrum.’ Daar, in het stiltecentrum van het ziekenhuis vindt ze een rust voor haar gemoed die haar ouders haar thuis niet kunnen geven. Terugbrengen naar het ziekenhuis is voor haar ouders een pijnlijk moment van uit handen geven; voor Rieke is het teruggaan naar een plek waar ze houvast kan vinden. Marnix schrijft dan als gedicht: 
De deuren van het stiltecentrum gaan open nu wij naderen.
Er is niemand, aan de wand hangt Jezus aan het kruis. Hier is je huis,
je kent de weg terug: je loopt rechtdoor, tot waar de kaarsen branden,
de bijbel ligt. In het halfduister hoor ik je uit alle macht je psalmen fluisteren.

Fluisteren in fragmenten
Wat heeft dit met de tijd na Pinksteren te maken en de vraag naar het leven uit de Heilige Geest? Wanneer we Pinksteren vieren als feest van de Heilige Geest, dan hebben we het vaak over enthousiasme, over bezield zijn, over vervuld raken van een kracht van omhoog. Het werk van de Geest ligt in de begeeste-ring, dat is wel duidelijk. Maar die begeestering is er niet alleen voor jubelende tijden, alsof het leven na Pinksteren één groot Pinkpopfestival zou zijn of een Opwekking in Biddinghuizen. Er is ook een andere kant. 
Jezus heeft het over die andere kant als Hij tegen zijn leerlingen vertelt dat er moeilijke tijden zullen komen, voor de hele wereld en ook voor wie in Hem geloven. Gelovigen zullen worden verra-den, gearresteerd en gedood, net zoals het Jezus ook zal over-komen. Waar haal je dan je kracht vandaan? Wat moet je zeggen als je wordt verhoord of berecht? 
‘Maak je dan vooraf geen zorgen over wat je zult gaan zeggen; zeg wat jullie op dat tijdstip wordt ingegeven, want jullie zijn het niet die dan spreken, maar het is de heilige Geest,’ zegt Jezus. De Heilige Geest, van wie we zien dat Hij met zijn begeestering op de Pinksterdag alle talen spreekt en mensen laat jubelen in klank-taal die alle taal te boven gaat, deze Heilige Geest zal ook inge-ven wat je moet doen en zeggen tegen krachten die je leven bedreigen. 
Wie een psychose krijgt, ervaart dat gewone gebeurtenissen wor-den verwrongen tot krachten en wanen die je leven bedreigen. Zo ervaart Rieke dat in het ziekenhuis. Maar dan fluistert ze haar psalmen, regels en verzen die ze onthouden heeft en nu naar boven komen als kracht om het vol te houden in een zuigende en verduisterende tijd. 
Dat is ook de begeestering van de Heilige Geest: dat je kracht krijgt aangereikt om het vol te houden bij dingen die je vermogen helemaal te boven gaan. De aanwezigheid van Gods Geest ligt in: jubel, extase, intense vreugde. Maar ook in: gefluister, brokken en fragmenten van woorden en zinnen, als alles duister is. En ook in: geduld en trouw van mensen om je heen. 
Ik wens iedereen toe deze aanwezigheid van de Heilige Geest toe. Dat Hij je mag vervullen met woorden van licht en rust, als je niet meer weet hoe je het moet volhouden met wat als een muur op je afkomt. Dat Hij je woorden van liefdevolle wijsheid mag aan-reiken als je niet meer weet hoe je het moet uithouden met iemand die je lief is maar die je niet kunt bereiken. 
Zo wil God met ons zijn. En dat strekt verder dan deze weken na Pinksteren. 

De dichtbundel Opname van opzij met acht gedichten van Marnix Niemeijer en twee pentekeningen van Marcel Verbrugge is uitgegeven bij uitgeverij Brandaan, ISBN 978 94 6005 038 1, en kost € 10,00. Diaconaal werker Jan Baronner in de Oase heeft een aantal exemplaren om te verkopen. In de Oase hangen enkele weken de gedichten uit de bundel met daarbij pentekeningen van beeldend kunstenaar Marcel Verbrugge.
 
terug